Doop-, trouw- en lidmatenregisters Putten

Zoals in de 'Wegwijzer voor de beginnende stamboomonderzoeker' is aangegeven, zijn veel genealogische gegevens van voor de invoering van de burgerlijke stand in 1811 te vinden in de kerkelijke doop-, trouw- en begraafregisters (DTB's). De DTB’s van de protestantse kerk van Putten bestrijken op 50 jaar na de periode van 1597-1811. De originele boeken van 1706-1811 worden sinds 2010 bewaard in het gemeentearchief van Putten. Het oudste boek, dat de huwelijken, dopen en lidmaten van 1597-1665 bevat, bevindt zich in het kerkelijk archief van de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) te Putten (inventarisnummer 53).

De ontbrekende jaren zijn 1665 tot en met 1706. Genealogen noemen deze periode het “gat van Putten”. Dit is ontstaan door de verbranding van de molen “Het Hert” in 1899, waar deze kerkboeken toen waren opgeslagen. De werkgroep genealogie van het Puttens Historisch Genootschap probeert dit gat zo goed mogelijk te dichten met informatie uit andere bewaard gebleven bronnen, zoals lidmatenlijsten, momberschapsakten en het verpondingsregister.

Pagina 3

Van de DTB’s van Putten zijn er transcripties uitgegeven in de serie publicaties van de Vereniging Veluwse Geslachten. In het kader van de pogingen om het “gat van Putten” te dichten is het complete boek met de huwelijken, dopen en lidmaten van 1597-1665 in 2011-‘12 gedigitaliseerd en opnieuw getranscribeerd door L.A. Luteijn en E.A. Luteijn-Eekhoutte.  De uitgave van de Vereniging Veluwse Geslachten (publicatie 58) telde namelijk wat onvolkomenheden en er was geen koppeling met het origineel. De opzet van de nieuwe transcriptie was een zo getrouw mogelijke transcriptie, die zo naast het origineel kan worden gelegd of daaraan gekoppeld kan worden. Daarom staat iedere bladzijde op een apart A4-tje. De scans van de originelen kunt u vinden op de website http://www.geneaknowhow.net/digi/bronnen.html. Op deze website zijn verder diverse andere gescande bronnen betreffende Putten te vinden.

Bij de transcriptie is de jaarvolgorde aangehouden, waardoor de eveneens overgenomen bladzijdennummering wat onlogisch lijkt. Voor het terugzoeken in het origineel zijn ze echter van belang omdat deze nummering voor de scans is gebruikt.

De indeling van het originele boek is als volgt:

  • Lidmaten 1653/1654 (bladz. 1);
  • Huwelijken van 7-11-1647 t/m 19-3-1665 (bladz. 3 t/m 39);
  • Lidmaten van ca. 1647 t/m kerst 1664 (bladz. 40 t/m 59);
  • Dopen van 21-5-1601 t/m 24-4-1665 (bladz. 60 t/m 157);
  • Huwelijken van 7-5-1597 t/m 19-9-1647 (bladz. 160 t/m 296).

Verantwoording van de transcriptie<

  • Voor de leesbaarheid is de in het origineel gebruikte letter u , waar v wordt bedoeld, vervangen door de letter v. Voorbeelden: Euert = Evert, Steuen = Steven, Nouember = November, ouerleden = overleden, Haluichuisen = Halvichuisen, Houe = Hove etc.
  • Ook worden de namen waarin de letter i wordt gebruikt voor de j, vervangen door de letter J. Voorbeelden: ian = Jan, iost – Jost etc.
  • In het origineel worden de y en ij door elkaar gebruikt. Bij de transcriptie is alleen bij min of meer zichtbare puntjes de ij genoteerd.
  • Er is voor gekozen de ss aan het eind van de naam van de mannen te vervangen door sz (…zoon) en de ss bij de vrouwen te laten staan.
  • Hoewel hoofd- en kleine letters door elkaar worden gebruikt bij namen, familienamen en namen van de maanden zijn in de transcriptie daarvoor steeds hoofdletters gebruikt.
  • Waar het onduidelijk was of het ging om een naam, is aangesloten bij de schrijfwijze in het origineel.
  • De informatie in de kantlijn is steeds als nieuwe zin, met een hoofdletter beginnend, onder de daarbij behorende tekst gezet.
  • De in het origineel gebruikte maandaanduidingen zijn gehandhaafd: 

7bris   = september;

8bris   = oktober;

9bris   = november;

10bris = december.

Latere lidmatenregisters

Behalve de DTB’s heeft de kerk lidmatenregisters bijgehouden. U treft het lidmatenregister aan zoals dat door ds. J. Smith Ezn. is te boek gesteld en bijgehouden voor de periode 1742-1760 en door zijn opvolger M. Colpaar in de tien jaar daarna.

Uitgelicht