Jan en Marga: “Onze buren komen uit een beschermde woonomgeving”

Jan en Marga wonen in een vrijstaande woning in het groen. Tegenover hen wonen mensen die vanuit een beschermde woonomgeving komen. De komst van de nieuwe bewoners verwelkomden ze met open armen. “Buren zijn buren.”

Dit artikel is onderdeel van een reeks van 10 verhalen over Noord-Veluwse inwoners die te maken hebben met verward gedrag. De Noord-Veluwse gemeenten willen op deze manier aandacht besteden aan dit thema. Heeft u vragen of behoefte aan ondersteuning? Neem contact op met de afdeling Samenleving via telefoonnummer (0341) 359 611.

Marga vertelt: “Het pand heeft een tijd leeggestaan. Toen organiseerde de gemeente een voorlichtingsavond voor buurtbewoners. Er was behoefte aan een eigen plek voor mensen die uit een beschermde woonomgeving komen. Dat riep gemengde reacties op. Zulke mensen zouden niet passen in een wijk als deze, omdat dat een verkeerd beeld van Nederland zou geven. Marga: “Dat verbaasde mij. Wij vinden het fijn dat het pand weer bewoond is. Deze mensen kunnen hier hun leven weer opbouwen. Het is niet realistisch om te zeggen: prima, ze mogen wonen maar ‘not in my back yard’.”[1].

De eerste kennismaking

Marga: “Jaarlijks is er een inloop zodat bewoners over en weer kunnen kennismaken. We hebben de inloop één keer gemist, toen waren we op vakantie. De andere keren zijn we wel geweest. We kennen de bewoners en groeten elkaar als we ze tegenkomen in het dorp. Ook zien we regelmatig iemand op het bankje zitten. Zo’n bankje trekt, dat snap ik wel. Daar zie je het leven op straat aan je voorbij trekken.”

Hier en daar kennen Jan en Marga wat mensen in de wijk. Jan: “Buren zijn buren. In het algemeen kun je goed met elkaar en soms moet je elkaar verdragen. Als ze een keer geluidsoverlast veroorzaken bijvoorbeeld. Of je ergert je aan het feit dat ze een kast van een huis bouwen op een klein kavel. Dat accepteer je toch ook?”

“Wat ons opvalt is dat juist de mensen die verder weg wonen van het pand, klagen over overlast. Wij wonen er tegenover en merken niets.” Jan hoort veel meningen die voortkomen uit onwetendheid. “Wat is een psychische stoornis? Wat doet het met je? Er leeft ook veel koudwatervrees door verhalen in de media. Aangewakkerd doordat er veel onduidelijkheid was in de berichtgeving over wie er precies kwamen wonen en door de geheimzinnigheid die er omheen hing. Ik snap dat de privacy van nieuwe bewoners meespeelt. Tegelijkertijd denk ik weleens: zijn de regels op dit punt niet doorgeschoten?”

Jan vindt het een geruststellend idee dat er iemand bij de woonlocatie aanwezig is. Aangesteld om een oogje in het zeil te houden waar nodig en aanspreekbaar voor buurtbewoners. “En als mensen zich echt misdragen, wie dan ook, worden ze er uit gezet. Dat geeft vertrouwen.”

[1] Not in my back yard (Niet in mijn achtertuin) is een begrip uit de ruimtelijke ordening om aan te duiden dat veel mensen wel gebruik willen maken van voorzieningen, maar er geen hinder van willen ondervinden.